Droomstof heeft eindelijk een ISBN toegekend gekregen. Dat betekent natuurlijk dat het boek in elke boekhandel te bestellen is zonder het relatieve gehannes met creditcards of paypal. Maar voor hem is het belangrijkste aspect dat het boek nu richting het Depot van Nederlandse Publicaties van de Koninklijke Bibliotheek gaat. Droomstof is daarmee blijvend deel van het collectieve erfgoed van Nederland. Blijvend tot de mens uitsterft of, wat waarschijnlijk eerder zal gebeuren, het Nederlands verdwijnt.
Ten tweede heeft hij tijdens de Subjectivisten blackout, waar de website door de vriendelijke provider werd “gewist” zijn eigen archief doorgewerkt en een selectie teksten gebundeld tot Toekomstdagen 2002-2007. Vreemd om die teksten als continue entiteit van papier in handen te hebben. Overigens ook als gratis PDF te downloaden (net als Droomstof.)
Mostrando entradas con la etiqueta sciencefiction. Mostrar todas las entradas
Mostrando entradas con la etiqueta sciencefiction. Mostrar todas las entradas
miércoles, noviembre 21, 2007
miércoles, abril 25, 2007
53. I’ve Seen That Face Before.
Een van de mooiste liedjes die hij kent. Maar los daarvan…terwijl hij vanmiddag zijn dochters op de fiets hijst ziet hij een vrouw voorbij fietsen en pas als hij wegfietst beseft hij dat zij weet dat hij weet dat ze elkaar kennen. Het laat hem daarna niet meer los omdat hij geen idee heeft wie ze is. Hij weet dat ze vroeger geen gitzwart haar had, hij weet dat ze hem op een of andere manier perfect begreep, dat hij zich bij haar op zijn gemak voelde, zonder lust, een in en in goed mens. Dat weet hij. En toch is de rest een blinde vlek, de context is verdwenen. Wat, als hij haar zo terughaalt in zijn gedachten, vreemd is. Zou zij immers niet een onvergetelijke persoon moeten zijn? Het is van een andere orde dat een vergeten titel, melodie of naam.
En dat vreet aan hem. Want wat zijn de opties? Waanzin. Zijn leven is een illusie en zij breekt er als uit een alternatieve realiteit, een parallel leven, doorheen. Een fijn gegeven voor in zijn favoriete sciencefiction verhalen (zie Philip K. Dicks beruchte visioenen voorafgaand aan Valis die veroorzaakt worden door het bezoek van een onbekend zwartharig meisje) maar hij weet dat zijn gedachten ordelijk en overzichtelijk zijn, ten minste tot een bepaalde horizon…en als het daarachter niet klopt dan maakt het toch allemaal niet uit.
Ouderdom. Zijn geheugen, voorheen betrouwbaar, begint hem in de steek te laten. Als laatste: verdringing. Dan nog blijft de vraag over: waarom verdringing? Het lijkt de sleutelvraag die hem in ieder geval een zekere plaatsing schenkt. Hij moet haar kortstondig hebben gekend in een hectische periode waar hij in zijn algemeenheid niet graag meer aan terugdenkt. En toch blijft het een hypothese, brengt het haar niet scherper in beeld. De alternatieve hypothese plaatst haar veel verder terug in de tijd, maar dat is pure speculatie. Hoogste tijd om het droomwerk in te zetten, want een even vreemde gewaarwording is dat hij al peinzende duidelijk de behoefte voelt om dit probleem, haar gezicht (dat nu alweer vervaagt), zijn geschiedenis: te googlen.
En dat vreet aan hem. Want wat zijn de opties? Waanzin. Zijn leven is een illusie en zij breekt er als uit een alternatieve realiteit, een parallel leven, doorheen. Een fijn gegeven voor in zijn favoriete sciencefiction verhalen (zie Philip K. Dicks beruchte visioenen voorafgaand aan Valis die veroorzaakt worden door het bezoek van een onbekend zwartharig meisje) maar hij weet dat zijn gedachten ordelijk en overzichtelijk zijn, ten minste tot een bepaalde horizon…en als het daarachter niet klopt dan maakt het toch allemaal niet uit.
Ouderdom. Zijn geheugen, voorheen betrouwbaar, begint hem in de steek te laten. Als laatste: verdringing. Dan nog blijft de vraag over: waarom verdringing? Het lijkt de sleutelvraag die hem in ieder geval een zekere plaatsing schenkt. Hij moet haar kortstondig hebben gekend in een hectische periode waar hij in zijn algemeenheid niet graag meer aan terugdenkt. En toch blijft het een hypothese, brengt het haar niet scherper in beeld. De alternatieve hypothese plaatst haar veel verder terug in de tijd, maar dat is pure speculatie. Hoogste tijd om het droomwerk in te zetten, want een even vreemde gewaarwording is dat hij al peinzende duidelijk de behoefte voelt om dit probleem, haar gezicht (dat nu alweer vervaagt), zijn geschiedenis: te googlen.
sábado, febrero 24, 2007
46. Droomstof
Of wel de terugkeer van D.I.Y. Alweer een vreemde gewaarwording dat hij intuïtief een kant op gaat die, behalve avontuurlijk aanvoelt, past in een bredere tendens van sciencefiction. Zo schijnbaar uit het niets een gevoel van experiment, de spanning van nieuwe vormen, het negeren van autoriteiten. Iets van een vermoeden dat Het Boek ten dode is opgeschreven (dat wil zeggen als afgesloten sociale conventie, het boek als ding blijft gelukkig nog even.) Er is iets in beweging gezet dat zijn anarchisme prikkelt. Met wat geluk een soort Gutenberg Punk.

Maar ook het plezier van de praktijk, het zelf sleutelen aan een boek: de omslag, de vrije licenties, het toevoegen van een essay…zonder uitleg, zonder discussie.
En vooral een rustgevend en tegelijkertijd nerveus gevoel van afsluiting waarin ruimte ontstaat om verder te gaan met schrijven. De terugkeer naar de korte verhalen, vaak de ware vorm van sciencefiction genoemd (en daardoor dubbel onuitgeefbaar...in de oude wereld.)
Droomstof is hier dus verkrijgbaar (het werkt...tip: kies economy als verzendmethode. Of je vergeet het papier compleet en doet een digitale kopie.)
edit: net is het bericht binnengekomen dat de verzendkosten eindelijk zijn verlaagd! 1,99 euro binnen de EU. Netjes.

Maar ook het plezier van de praktijk, het zelf sleutelen aan een boek: de omslag, de vrije licenties, het toevoegen van een essay…zonder uitleg, zonder discussie.
En vooral een rustgevend en tegelijkertijd nerveus gevoel van afsluiting waarin ruimte ontstaat om verder te gaan met schrijven. De terugkeer naar de korte verhalen, vaak de ware vorm van sciencefiction genoemd (en daardoor dubbel onuitgeefbaar...in de oude wereld.)
Droomstof is hier dus verkrijgbaar (het werkt...tip: kies economy als verzendmethode. Of je vergeet het papier compleet en doet een digitale kopie.)
edit: net is het bericht binnengekomen dat de verzendkosten eindelijk zijn verlaagd! 1,99 euro binnen de EU. Netjes.
domingo, diciembre 17, 2006
40. Wat betekenen de Romeinen voor ons?
Of welke Romeinen willen we zijn? De vraag die hem bezighoudt na voor het eerst in veertien jaar Satyricon (1969) te hebben gezien, wat eigenlijk zijn favoriete film van Fellini is, waar zijn hele droomcarnaval het beste aardt. Of het meest natuurlijk aanvoelt, het tijdperk dat dwergen, corpulente vrouwen en ongegeneerde lelijkheid zich zonder totale afkeuring in de openbare ruimte konden begeven (al moeten we niet te zelfverzekerd zijn: we weten niet hoe ze in de toekomst naar ons kijken.) Een intuïtief gevoel van authenticiteit overheerst in de film (Romeinen hadden er nog nooit zo uitgezien) dat onwerkelijk (droom/psychedelisch) wordt gemaakt: een film waarin zowel op gezette tijden vulgair Latijn wordt gesproken als zachte elektronische muziek op de achtergrond klinkt. Geen wonder dat Fellini het zijn science-fiction film noemde, science-fiction die niet over de toekomst, maar over het verleden handelde.

Hoe sixties zijn de Romeinen hier? Decadent zeker, in volle glorie, maar ook multicultureel, hyperesthetisch. Er is een onvermijdelijke overlapping tussen beide periodes en die is vooral te vinden in een pre-Christelijke seksualiteit, dat wat de Romeinen altijd een te benijden vrijheid geeft en heel even in de vorige eeuw weer de kop op stak. Daarom zal voorlopig ook geen film meer verschijnen met een erotisch object als Gitone. Waarschijnlijk was Petronius fragmentarisch overgeleverde tekst in die periode (na Godard, na L' Année dernière à Marienbad)
ook het makkelijkst te vertalen naar film, zeker aan de hand van haar grootste dromer, die heeft aangevoeld dat het nu of nooit was.

Satyricon is uniek, niet meer te herhalen. Een waanzinnig geslaagde mix van tijden en vormen, van realiteiten. Maar de Romeinen zijn dankzij Gladiator weer verhuisd naar Amerika en de onvermijdelijke obsessie met militarisme/imperialisme die dat inhoudt. Rome probeert iets subtieler een middenweg te bewandelen als Amerikaans/Europese samenwerking die eerder met Caligula compleet mislukte. Maar Rome blijft uiteindelijk te netjes, mist een bepaalde vrijheid. En dat is Fellini’s geheim/genie, de manier waarop hij amateurs, randfiguren, b-acteurs inzet waardoor er over en langs de gezichten iets rauws, onvoorspelbaars heerst. Het gebrek aan angst ook om een verhaal een vrije richting te geven: hoe verder van Rome de personages geraken hoe dieper in mythe en droom de film verzeild (de episodes van de vriendelijke Minotaurus, de ontvoering van de Hermafrodiet, de erectiestoornis genezende heks/oergodin) een prettige herinnering aan een “buiten” van Rome, nog zo’n wereld die is verdwenen.
Hoe sixties zijn de Romeinen hier? Decadent zeker, in volle glorie, maar ook multicultureel, hyperesthetisch. Er is een onvermijdelijke overlapping tussen beide periodes en die is vooral te vinden in een pre-Christelijke seksualiteit, dat wat de Romeinen altijd een te benijden vrijheid geeft en heel even in de vorige eeuw weer de kop op stak. Daarom zal voorlopig ook geen film meer verschijnen met een erotisch object als Gitone. Waarschijnlijk was Petronius fragmentarisch overgeleverde tekst in die periode (na Godard, na L' Année dernière à Marienbad)
ook het makkelijkst te vertalen naar film, zeker aan de hand van haar grootste dromer, die heeft aangevoeld dat het nu of nooit was.
Satyricon is uniek, niet meer te herhalen. Een waanzinnig geslaagde mix van tijden en vormen, van realiteiten. Maar de Romeinen zijn dankzij Gladiator weer verhuisd naar Amerika en de onvermijdelijke obsessie met militarisme/imperialisme die dat inhoudt. Rome probeert iets subtieler een middenweg te bewandelen als Amerikaans/Europese samenwerking die eerder met Caligula compleet mislukte. Maar Rome blijft uiteindelijk te netjes, mist een bepaalde vrijheid. En dat is Fellini’s geheim/genie, de manier waarop hij amateurs, randfiguren, b-acteurs inzet waardoor er over en langs de gezichten iets rauws, onvoorspelbaars heerst. Het gebrek aan angst ook om een verhaal een vrije richting te geven: hoe verder van Rome de personages geraken hoe dieper in mythe en droom de film verzeild (de episodes van de vriendelijke Minotaurus, de ontvoering van de Hermafrodiet, de erectiestoornis genezende heks/oergodin) een prettige herinnering aan een “buiten” van Rome, nog zo’n wereld die is verdwenen.
domingo, septiembre 17, 2006
31. Ballard
Zijn vader. Hij heeft zich vanaf de eerste pagina van Crash thuis gevoeld in zijn wereld, zijn taal. De afstandelijke blik, halfverloren in de wereld die hem toch eindeloos fascineert, het vermoeden dat er iets mysterieus en krachtigs in de mens, in de realiteit, huist. “Geen wonder” dan dat James Spader de Ballard figuur speelt in de verfilming van Crash, aangezien hij al jaren (minstens sinds Sex. Lies & Videotape) zijn avatar is op het witte doek.
Gedachten aan het rollen gebracht door Iain Sinclairs uitmuntende studie naar die ongrijpbare film in de BFI Modern Classic series. Veel scherpe observaties, connecties (zijn Ballardianen per definite fans van Helmut Newton?) en context inclusief een mooi interview met Ballard: “Princess Di and Thatcher were the last of them, the only English ones. We aren’t important enough as a country. We don’t generate the myths of the age. Most of them come from America. America is one huge dream generator.”

En dan is er natuurlijk zijn nieuwste boek Kingdom Come. Prachtige beginzinnen: “The suburbs dream of violence. Asleep in their drowsy villas, sheltered by benevolent shopping malls, they wait patiently for the nightmares that wil wake them into a more passionate world.” Daarna is het vintage Ballard. Een verzameling briljante observaties van een zin (“In a few moments they would be bathed in a light more healing than anything on offer from the sun.”) die met typische herhaling zijn obsessies sinds Cocaine Nights (verveling, geweld, consumptie, vrije tijd, charisma - waarom nemen mensen toch genoeg met zo’n middelmatige schrijver als Houellebecq wanneer je Ballard hebt? ) verder verankeren door middel van dat typische latente fascisme wat huist onder de oppervlakte van voetbal in Engeland.

Dezelfde Sinclair observeerde laatst in een interview dat Ballard met de leeftijd steeds linkser wordt (waar het cliché stelt dat je rechtser moet worden.) Misschien. Al zal dat ook relatief gezien moeten worden vanuit een bepaalde jaren zestig perceptie. Ballard was natuurlijk altijd de meest radicale schrijver van zijn tijd, alleen maoïsten en gelijksoortig tuig moeten in hem een conservatief hebben gezien (typisch hoe dat soort maoïsten nu ontmaskerd wordt als racisten. Neem bijvoorbeeld André Glucksmann in Frankrijk, een man die vaak bij Foucault in de buurt stond bij demonstraties. Het zijn dat soort fanaten, zie Leninist Fortuyn, die omslaan terwijl je nooit kan voorstellen dat Nietzscheanen als Foucault, Barthes of Deleuze zulke onzin zouden gaan verkondingen.) Ballard en zijn oude penvriend Baudrillard zijn de grootst levende Links Nietzscheanen, Kingdom Come bewijst eens te meer dat een linkse politiek-zonder-Marxisme bestaat, een soort outsider politiek, kritiek als satire, sociologie als science fiction. “Waarom nog sociologie lezen?” bedenkt hij tijdens het lezen, dit is de sociologie die de juiste vragen stelt, verborgen verlangens ontdekt, haast onzichtbare werelden voor onze ogen zichtbaar maakt.
Kingdom Come is puur plezier van de taal, heeft nog het meest weg van het genot van je vader die voorleest, waarheid en fantasie, zonder limiet, ontsloten.
Gedachten aan het rollen gebracht door Iain Sinclairs uitmuntende studie naar die ongrijpbare film in de BFI Modern Classic series. Veel scherpe observaties, connecties (zijn Ballardianen per definite fans van Helmut Newton?) en context inclusief een mooi interview met Ballard: “Princess Di and Thatcher were the last of them, the only English ones. We aren’t important enough as a country. We don’t generate the myths of the age. Most of them come from America. America is one huge dream generator.”

En dan is er natuurlijk zijn nieuwste boek Kingdom Come. Prachtige beginzinnen: “The suburbs dream of violence. Asleep in their drowsy villas, sheltered by benevolent shopping malls, they wait patiently for the nightmares that wil wake them into a more passionate world.” Daarna is het vintage Ballard. Een verzameling briljante observaties van een zin (“In a few moments they would be bathed in a light more healing than anything on offer from the sun.”) die met typische herhaling zijn obsessies sinds Cocaine Nights (verveling, geweld, consumptie, vrije tijd, charisma - waarom nemen mensen toch genoeg met zo’n middelmatige schrijver als Houellebecq wanneer je Ballard hebt? ) verder verankeren door middel van dat typische latente fascisme wat huist onder de oppervlakte van voetbal in Engeland.

Dezelfde Sinclair observeerde laatst in een interview dat Ballard met de leeftijd steeds linkser wordt (waar het cliché stelt dat je rechtser moet worden.) Misschien. Al zal dat ook relatief gezien moeten worden vanuit een bepaalde jaren zestig perceptie. Ballard was natuurlijk altijd de meest radicale schrijver van zijn tijd, alleen maoïsten en gelijksoortig tuig moeten in hem een conservatief hebben gezien (typisch hoe dat soort maoïsten nu ontmaskerd wordt als racisten. Neem bijvoorbeeld André Glucksmann in Frankrijk, een man die vaak bij Foucault in de buurt stond bij demonstraties. Het zijn dat soort fanaten, zie Leninist Fortuyn, die omslaan terwijl je nooit kan voorstellen dat Nietzscheanen als Foucault, Barthes of Deleuze zulke onzin zouden gaan verkondingen.) Ballard en zijn oude penvriend Baudrillard zijn de grootst levende Links Nietzscheanen, Kingdom Come bewijst eens te meer dat een linkse politiek-zonder-Marxisme bestaat, een soort outsider politiek, kritiek als satire, sociologie als science fiction. “Waarom nog sociologie lezen?” bedenkt hij tijdens het lezen, dit is de sociologie die de juiste vragen stelt, verborgen verlangens ontdekt, haast onzichtbare werelden voor onze ogen zichtbaar maakt.
Kingdom Come is puur plezier van de taal, heeft nog het meest weg van het genot van je vader die voorleest, waarheid en fantasie, zonder limiet, ontsloten.
Etiquetas:
ballard,
Crash,
fascisme,
mythologie,
politiek,
sciencefiction
martes, agosto 15, 2006
28. Saskia Olde Wolbers

Fascinerende tentoonstelling in SMCS samengesteld uit vier video’s van Saskia Olde Wolbers. Wat op het eerste gezicht lijkt op vervolgfilms van Warp’s Artificial Intelligence (1994), vreemde digitale plantwerelden, ronddraaiende aquatische omgevingen blijken dus miniatuur modellen te zijn die in water worden ondergedompeld en waar vervolgens verf doorheen vloeit. Er komt geen computer aan te pas. Dat is op zich al interessant als ambacht, of hoe het digitale kunst simuleert maar wat het echt goed/compleet maakt zijn de subtiele sciencefiction monologen die de droombeelden begeleiden. Zijn favoriet niet heel onverwacht het pseudo-Ballardiaanse Placebo over een liefdesrelatie tussen een vrouw en een fantoomdoktor wiens valse identiteit langzaam wordt ontrafeld. Precies de kunst die hij zoekt.
(tot 24 september 2006 te zien)
Etiquetas:
ballard,
kunst,
museum,
sciencefiction,
tentoonstelling,
video,
Wolbers
domingo, junio 04, 2006
19. The Fall of Chronopolis
“With a hollow booming sound the Third Time Fleet materialized on the windswept plain. Fifty ships of the line, the pride of the empire and every one built in the huge yards at Chronopolis, were suddenly arrayed on the dank savanna as if a small city had sprung abruptly into being in the wilderness. The impression was increased by the lights that shone within the ships, outlining their ranks of square windows in the dusk. A few fat drops of rain spattered on the scene; the atmosphere was moody, clouds were gathering in the racing sky, and soon there would be a storm.”

Prachtig begin van Barrington Bayley’s The Fall of Chronopolis (1974). En stormen gaat het inderdaad in deze tijdreis klassieker van een van de mindere beroemde New Worlds auteurs. Ook al is hij altijd gecharmeerd geweest van Wells’ pessimistische The Time Machine is tijdreis sciencefiction nooit zijn favoriete subgenre geweest (tenzij Dick flink met psychedelica los ging, denk Now Wait For Last Year… en Ballards verhalen over tijd zijn een genre op zich.) Het is een lastig thema om echt goed te doen zoals Bayley hier doet door er onder andere een mooie religieuze draai aan te geven en het idee van ‘the strat’ te introduceren, een oceaan van potentiële tijd waar schepen doorheen reizen en waarop een korte blik genoeg is om de observeerder tot waanzin te drijven. Sciencefiction op zijn best, bizarre ideeën, nare paranoia, goddelijke transformaties, vermoeide koningshuizen, perverse sektes, in een boek dat leest als een trein. Een hele opluchting na het postmodernisme light van The Cloud Atlas, waarvan hij het ambacht van de schrijver wel kon appreciëren maar wat uiteindelijk helemaal nergens over ging en waarin een sciencefiction pastiche hem ontzettend irriteerde. In zo’n 90p jaren zeventig pocket met lelijk getekende voorkant zit meer inventiviteit dan alles wat tegenwoordig wordt geprezen als hoogstaande literatuur .

Prachtig begin van Barrington Bayley’s The Fall of Chronopolis (1974). En stormen gaat het inderdaad in deze tijdreis klassieker van een van de mindere beroemde New Worlds auteurs. Ook al is hij altijd gecharmeerd geweest van Wells’ pessimistische The Time Machine is tijdreis sciencefiction nooit zijn favoriete subgenre geweest (tenzij Dick flink met psychedelica los ging, denk Now Wait For Last Year… en Ballards verhalen over tijd zijn een genre op zich.) Het is een lastig thema om echt goed te doen zoals Bayley hier doet door er onder andere een mooie religieuze draai aan te geven en het idee van ‘the strat’ te introduceren, een oceaan van potentiële tijd waar schepen doorheen reizen en waarop een korte blik genoeg is om de observeerder tot waanzin te drijven. Sciencefiction op zijn best, bizarre ideeën, nare paranoia, goddelijke transformaties, vermoeide koningshuizen, perverse sektes, in een boek dat leest als een trein. Een hele opluchting na het postmodernisme light van The Cloud Atlas, waarvan hij het ambacht van de schrijver wel kon appreciëren maar wat uiteindelijk helemaal nergens over ging en waarin een sciencefiction pastiche hem ontzettend irriteerde. In zo’n 90p jaren zeventig pocket met lelijk getekende voorkant zit meer inventiviteit dan alles wat tegenwoordig wordt geprezen als hoogstaande literatuur .
domingo, marzo 19, 2006
8. Inosensu: Kôkaku kidôtai
Eigenlijk zocht hij de laatste tijd naar een manier om zijn science fiction interesse nieuw leven in te blazen en met de dubbele DVD-uitgave van Mamuro Oshii’s Ghost in the Shell films (deel 2 Innocence had hij nog niet gezien) staan zijn gedachten meteen in vuur en vlam…die heerlijke haast vallende gewaarwording van zenuwachtige gedachten, nieuwe mogelijkheden, enthousiasme herboren, niet alleen voor science fiction in het algemeen maar ook animé. Innocence ziet er natuurlijk prachtig uit, een orgastische explosie van visuele schoonheid…maar in slowmotion, het is een kalme film, zo kalm.

Hij houdt van dit soort films die een niemandsland opzoeken tussen popcultuur en intellectualiteit, Oshii laat zijn personages graag met citaten praten, en neemt het met plot niet zo nauw op (de bonus-DVD bevat een intrigerend interview met Oshii waarin hij stelt: “Ik denk dat het mooiste van science fiction is dat het je in staat stelt om verhalen te vertellen die iemands geest externaliseren door middel van beelden van landschappen, steden of een planeet.” En ook stelt dat mensen zich niet het verhaal van Blade Runner kunnen herinneren maar dat je de stadsgezichten, de schoonheid van de androïden nooit zal vergeten. ) Oshii heeft het vaak over Blade Runner en Innocence is ergens ook een remix van die film, stelt de vragen die Ridley Scott niet in staat was om te stellen (en wijselijk impliceerde) directer en gaat speels om met veel motieven uit die film…en het originele boek van Philip K. Dick. Scott kon weinig aan met de obsessie met dieren uit Do Androids Dream of Electric Sheep?, die Oshii hier ontroerend laat terugkeren in de relatie tussen Batô en zijn hond.

Teveel om in een keer te verwerken, dit is nu een film die je vaker moet zien. Maar ondertussen zet het hem wel terug op zijn oude Japan/animé pad. En zo kwam hij in een van zijn manische informatiezoektochten het werk van Koji Morimoto tegen, de wilde tegenhanger van Oshii en maker van de legendarische videoclip voor Ken Ishii’s ‘Extra’ (1995). Die is op deze fantastische site met Morimoto films te downloaden (DVDs van de man zijn schaars.) De echte vondst is echter Noiseman Sound Insect (1997), een 16 minuten durende film. Waanzinnig. Een schattige avant-garde. Het woord schattig lijkt een devaluatie maar laat er geen misverstand over bestaan: dit is wat hij verwacht van kunst. Zo wil hij fictie schrijven: kort, wild, futuristisch, indrukken in plaats van plot, intensiteit in plaats van dialoog…muzikaal.

Hij houdt van dit soort films die een niemandsland opzoeken tussen popcultuur en intellectualiteit, Oshii laat zijn personages graag met citaten praten, en neemt het met plot niet zo nauw op (de bonus-DVD bevat een intrigerend interview met Oshii waarin hij stelt: “Ik denk dat het mooiste van science fiction is dat het je in staat stelt om verhalen te vertellen die iemands geest externaliseren door middel van beelden van landschappen, steden of een planeet.” En ook stelt dat mensen zich niet het verhaal van Blade Runner kunnen herinneren maar dat je de stadsgezichten, de schoonheid van de androïden nooit zal vergeten. ) Oshii heeft het vaak over Blade Runner en Innocence is ergens ook een remix van die film, stelt de vragen die Ridley Scott niet in staat was om te stellen (en wijselijk impliceerde) directer en gaat speels om met veel motieven uit die film…en het originele boek van Philip K. Dick. Scott kon weinig aan met de obsessie met dieren uit Do Androids Dream of Electric Sheep?, die Oshii hier ontroerend laat terugkeren in de relatie tussen Batô en zijn hond.

Teveel om in een keer te verwerken, dit is nu een film die je vaker moet zien. Maar ondertussen zet het hem wel terug op zijn oude Japan/animé pad. En zo kwam hij in een van zijn manische informatiezoektochten het werk van Koji Morimoto tegen, de wilde tegenhanger van Oshii en maker van de legendarische videoclip voor Ken Ishii’s ‘Extra’ (1995). Die is op deze fantastische site met Morimoto films te downloaden (DVDs van de man zijn schaars.) De echte vondst is echter Noiseman Sound Insect (1997), een 16 minuten durende film. Waanzinnig. Een schattige avant-garde. Het woord schattig lijkt een devaluatie maar laat er geen misverstand over bestaan: dit is wat hij verwacht van kunst. Zo wil hij fictie schrijven: kort, wild, futuristisch, indrukken in plaats van plot, intensiteit in plaats van dialoog…muzikaal.
Etiquetas:
anime,
dvd,
ghost in the shell,
sciencefiction
Suscribirse a:
Entradas (Atom)







