Mostrando entradas con la etiqueta herinneringen. Mostrar todas las entradas
Mostrando entradas con la etiqueta herinneringen. Mostrar todas las entradas

martes, marzo 04, 2008

88. El Buitre



Vanzelfsprekend is de combinatie opera en voetbal gevaarlijk, want de pathetiek, extra zwaar bij gevallen cultuurgoed, ligt op de loer. Het doet denken aan die verschrikkelijke muzikale tussenstukjes waarmee de NOS sinds jaren de voorbeschouwingen van live voetbal mee “opleukt” (want anders zouden mensen zich nog eens kunnen gaan vervelen.) En toch werkt dit fragment Witte Schoonheid briljant in combinatie met Puccini. Dat heeft allereerst met de elegantie van het voetbal te maken, de achteloze passes, de fantasie en aan de andere kant natuurlijk met nostalgie. Voetballers die niet meer voetballen (of zoals Juanito een Spaanse dood zijn gestorven), voetbal dat niet meer zo gespeeld wordt, een meer afstandelijke beleving van het voetbal sinds die spannende avonden in de jaren tachtig. Prachtige details ook, Juanito die direct door heeft dat er iets monumentaals heeft plaatsgevonden en Butragueño op de schouders neemt, de verdedigers van Cádiz die hem vervolgens feliciteren (een heel Spaans gebaar dat.)

jueves, diciembre 13, 2007

76. Erwtensoep

Erwtensoep eten is een nostalgisch gebaar, onlosmakelijk verbonden met de kindertijd. Waarbij hij niet weet of het eigenlijk de katenspek op roggebrood was die hem meer interesseerde dan de groene prut zelf. Na al zijn culinaire zwerftochten had hij zich eigenlijk niet kunnen voorstellen wat een karwei de bereiding inhoudt, misschien niet in snijwerk of lastige handelingen maar zeker wat betreft tijd. Want na twee uur op het vuur te hebben gestaan maakte hij zich toch wel zorgen over de substantie van de soep die niet strookte met de dikke smurrie uit zijn warme herinneringen. Maar een chemisch mirakel (de stolling van het vet?) vindt plaats gedurende die verplichte nacht in de koelkast en zo vervlechten heden en verleden zich op gelukkige wijze. Uiteindelijk is erwtensoep voor hem de klassieker van de Hollandse keuken, een van de weinige gerechten die de culinicide heeft overleefd die zich volgens kenners rond het begin van de 20ste eeuw heeft voltrokken waar de kennis van lokale keukens werd weggevaagd door de dictatuur van de huishoudschool (waarschijnlijk onder het mom van een abject idee van voedsel = louter energie geen genot, besteed u kostbare tijd aan nuttige zaken) en zich qua bruut plezier kan meten met lentejas of fabada (al zijn die twee nog veel eenvoudiger te maken, als droge handeling, misschien niet als kennis in hoe je die paar ingrediënten precies goed krijgt.) Opeens werd hem ook duidelijk waarom sommige zaken zich standaard in het supermarktassortiment bevinden, zoals de knolselderij en de hamschijf…al vinden puristen dat je eigenlijk een varkenspoot moet gebruiken (zonder een queeste onvindbaar want waarschijnlijk door barbaren voornamelijk op een grote hoop afgevoerd om tot frikadel of knakworst te worden verwerkt.)

martes, septiembre 25, 2007

68. De Odyssee van House



Een tienjarige zoektocht naar een enkele track is tot een goed einde gebracht. Meerdere pogingen om met behulp van internet het raadsel op te lossen stranden. Maar de nieuwe informatiestromen die hem tot beschikking staan zijn nu te ingrijpend, te krachtig, kunnen wanneer op juiste wijze gecombineerd en aangevuurd door de wil alles zichtbaar maken wat verscholen is, kenbaar wat onbekend is.

Het probleem brengt ons terug naar 1996. Sven Väth draait op zomaar een donderdagnacht in de Chemistry (de semi-foute dansavond in de Escape waar soms de betere techno DJs draaiden.) Sinds die zomer was de MDMA voorraad van Amsterdam om mysterieuze redenen leeg en werd de stad volgepompt met zuivere MDA. Het zwaardere werk. En zo voelde hij op de dansvloer hoe zijn hoofd in een afgrond veranderde en zijn bewustzijn de duisternis in dook. Heel ver weg klonken nog beats. Eenmaal bij positieven begon Väth, destijds in opperste harlekijn modus, aan zijn set. Er klonk een ingetogen minimaal ritme, dat een tijdje doordreinde totdat uit het niets het hele geluidsspectrum explodeerde, stemmen, spiralen van melodieën en scratches. Een schoolvoorbeeld van “un long, immense et raisonné dérèglement de tous les sens." Het beste begin van een DJ-set ooit en een moment dat hem bleef achtervolgen. Hij probeerde met enkele schoten in het duister bij platenzaken wat nieuwe 12-inches uit die waren omschreven als wild en excentriek, maar zonder succes. Nog eenmaal hoort hij de track langskomen aan het einde van een Laurent Garnier set in Paradiso en dan is het verdwenen.

Na tien jaar vindt dan eindelijk de doorbraak plaats. Mixes Db is een als maar groeiende database van DJ-sets en blijkt zowaar goed gesorteerd in sets uit de jaren negentig. Het is een paar dagen downloaden en luisteren naar Garnier sets, zonder succes. Väth bewaart hij voor later aangezien zijn sets minstens vier uur duren maar al tijdens de tweede poging (live @ Rex) is het raak. Eigenlijk herkent hij de track meteen (het is zo anders dat je er niet omheen kan) maar schrikt hij er zo van dat hij rustig nog andere sets doorspit om er zeker van te zijn en de ontdekking te koesteren. In een tweede set komt de track nog beter tot zijn recht en blijkt dat wat hij altijd dacht dat twee tracks waren (een minimaal waarin de maximale werd gemixt) één is.

Het stuk er uit geknipt met Mixmeister, omgezet in een mp3 en gepost op het track ID forum van het altijd al onmisbare Discogs. Een dag later is het antwoord binnen: ‘Spiritcatcher’ van The Mod Wheel (alias van Tom Middleton, wiens Jedi Knights album hij destijds met veel plezier beluisterde.) Via hetzelfde Discogs kan hij de 12-inch zo aanschaffen en dus staat hij nog op de drempel. De beweging compleet maken? En onafwendbaar de gedachte: maakt het bezit, of zelf al de kennis, niet de herinnering kapot? Gedeeltelijk, maar het verlangen om te weten was er al en kon niet meer worden opgeheven, behalve dan door zijn oplossing. Bovendien heeft de zoektocht hem teruggeworpen in House circa 1996, een periode waar hij eigenlijk bijna compleet dreigde over te hellen naar jungle. Onterecht, want dit is bizar goede muziek. Niet beter dan nu (want toen waren er geen ‘Orange Mistake’, ‘Fizheuer Zieheuer’, ‘Doppelwhipper’ of Dumbles Debuts) maar wel intenser, niet zozeer meer druggy maar harder (het is duidelijk nog ecstasy gericht in plaats van de meer door wiet geopende details van minimal), overweldigend in plaats van verleidend.

domingo, julio 01, 2007

59. Borg



Gisteren zowaar iets interessants op televisie en daar was een regenpauze op Wimbledon voor nodig. Mooi portret van Björn Borg vol weemoedige jaren zeventig beelden. Hij realiseerde zich dat Borg, eigenlijk nog voor bepaalde voetballers, de eerste sporter was waar hij zich zoiets als fan van noemde. Hij bezat een cool die je intuïtief begreep als jongetje, ver voordat je zoiets als de fascinatie van pop ging inzien. Die lange haren, baard, zweetbandjes en gestreepte shirts in combinatie met introversie, het door de knieën gaan bij een overwinning en heel goed kunnen tennissen maken iemand tot een icoon.

Beelden die hem doen realiseren hoe anders sport was. Een cruciale overgangsfase naar totale professionaliteit, sport als entertainment en markt waar Borg zelf een sleutelrol in speelde met zijn Fila kleding (Borg is een typisch geval van de hippie kapitalist.) Wimbledon finales hadden het gewicht van een evenement, eindeloze zondagmiddagen van mythische strijd, met name als McEnroe ten tonele verschijnt (die hij in tegenstelling tot de meeste van zijn vrienden verafschuwde, met zijn onsympathieke huilhoofd en lelijke service.) Essentiële keuzes van het leven.

Tennis was, vergeleken met nu, bijna een andere sport. Een vreemd mengsel tussen schaken en marathon lopen. En dat, realiseerde hij zich weer, maakt van tennissers zulke vreemde wezens, hun bewustzijn is in sport uniek. Hun eenzaamheid is haast een filosofische queeste, kunnen ze niet uitdoven door de meditatie van duursporten, is niet te ondervangen door teamgenoten, bezit bijna meer overeenkomsten met de schrijver (vandaar David Foster Wallace?) Borg moet hebben aangevoeld dat er een verandering aan kwam zetten die hem, de stilist, zou wegvagen en stopte voortijdig. De vervanging van de houten rackets was een drama voor de sport. Niets saaier dan het krachttennis dat sindsdien is geperfectioneerd, een onmenselijke wedkamp tussen robots waarin de spanning is te vinden in de vraag welke machine het eerst begint te haperen.

martes, junio 05, 2007

57. OORs Top-100 Aller Tijden

Je kan het een stom ritueel vinden. Het tijdschrift een artefact uit vergane tijden. En het verbod op compilaties rockistische onzin. Toch kon hij moeilijk een gevoel van trots onderdrukken toen hij werd gevraagd om een persoonlijke tien favoriete albums aan te leveren voor OORs eerste Top-100 Aller Tijden in twintig jaar. Dat het twintig jaar heeft geduurd voordat er een nieuwe lijst werd gemaakt geeft het hele gebeuren zijn kracht, het is een evenement. Hij weet nog heel goed dat hij die OOR in 1987 kocht en de lijst heeft uitgeplozen op zoek naar interessante “nieuwe” platen. Als hij in 1987 had gehoord dat hij twintig jaar later aan die lijst mocht meedoen had hij zichzelf vast en zeker cool gevonden (zich vervolgens wel afvragend waarom er geen Jean-Michel Jarre en Pink Floyd meer in zijn lijst staan.)

De lijst heeft hij snel in elkaar gezet, want hij voelde al snel een vervelende waanzin opkomen toen er steeds meer kandidaten opdoemden. Een paar onontkoombare keuzes, misschien een enkele ideologische keuze, geen enkele strategische. Redelijk netjes over de genres en decennia verdeeld (met typisch genoeg zeven platen die hij in de periode 1991-1994 aanschafte, waarschijnlijk de tijd dat hij op meest intense wijze muziek beleefde.) Aldus sprak OMC:

01 Miles Davis – Bitches Brew (1969)
02 My Bloody Valentine – Loveless (1991)
03 Kraftwerk – Trans Europe Express (1977)
04 Tim Buckley – Starsailor (1971)
05 Augustus Pablo – King Tubby Meets Rockers Uptown (1977)
06 Sonic Youth – Daydream Nation (1988)
07 Kate Bush – Hounds Of Love (1985)
08 Underground Resistance – Revolution For Change (1992)
09 The Orb – Adventures Beyond The Ultraworld (1991)
10 Daft Punk – Discovery (2001)

(En allemaal overwogen maar met pijn in het hart laten vallen: Public Enemy - Fear Of A Black Planet, Slayer - Reign In Blood, Rolling Stones - Let It Bleed, Patti Smith - Radio Ethiopia, David Bowie – “Heroes”, Primal Scream - Screamadalica, The Doors - Strange Days, Talk Talk - Laughing Stock, GZA - Liquid Swords, Luomo - The Present Lover, Can - Future Days, Beastie Boys - Paul’s Boutique, Royal Trux - Cats & Dogs, Fleetwood Mac - Tusk, Aphex Twin - Selected Ambient Works 85-92 en Goldie - Timeless.)

jueves, mayo 24, 2007

55. Bam...1-0




Zo maar wat voetbalnostalgie. Hij kan deze wedstrijd nog precies voor de geest halen. Niet de wedstrijd zelf maar de ervaring van de wedstrijd die in 1982 niet live werd uitgezonden. Een zonovergoten lentedag en hij voetbalde voor de flat op de weidse grasvelden met wat vrienden. De zus van een van zijn vrienden luisterde binnen naar de radio en kwam af en toe over het balkon de tussenstand door geven.Vooraf hadden ze hem geknepen, want als Ajax deze wedstrijd zou winnen kon het kampioenschap niet meer ontsnappen (een soort miraculeuze comeback nadat Cruijff in december was teruggekeerd en weer met briljante passjes begon te strooien.) Ah, die onvergetelijke blijdschap na de bevrijdende 1-0 die oversloeg in hilariteit toen de score uitliep naar 3-0. Lerby’s finest hour. Mooi, onderschat elftal overigens dat verfijnd/loom technisch voetbal speelde met Jesper Olsen, La Ling, Jansen, Molenaar, Rijkaard, Vanenburg en af en toe al Van Basten. En met de Gabri van die tijd Dick Schoenaker (die alleen een beter schot had en dus regelmatig scoorde…in deze wedstrijd de 3-0.) Dat shirt is ook nooit mooier geweest. En toch dat rare sfeertje van verval, misschien door het Olympisch Stadion, misschien door bredere bewegingen, niet alleen Amsterdam in 1982 of voetbal in die periode maar het hele gevoel van overgang naar iets anders, nog onbestemd.

De 2-1 van Keje Molenaar in de kampioenswedstrijd een maand later tegen AZ'67 doet hem afvragen: waarom wordt er niet meer zo geschoten? Technisch gezien is het niet bijster lastig. Dus een mentale kwestie. De afwezigheid van een bepaalde brutaliteit...vrijheid? Vrijheid om te denken "ik ga deze bal eens lekker in het doel rossen!"

miércoles, abril 25, 2007

53. I’ve Seen That Face Before.

Een van de mooiste liedjes die hij kent. Maar los daarvan…terwijl hij vanmiddag zijn dochters op de fiets hijst ziet hij een vrouw voorbij fietsen en pas als hij wegfietst beseft hij dat zij weet dat hij weet dat ze elkaar kennen. Het laat hem daarna niet meer los omdat hij geen idee heeft wie ze is. Hij weet dat ze vroeger geen gitzwart haar had, hij weet dat ze hem op een of andere manier perfect begreep, dat hij zich bij haar op zijn gemak voelde, zonder lust, een in en in goed mens. Dat weet hij. En toch is de rest een blinde vlek, de context is verdwenen. Wat, als hij haar zo terughaalt in zijn gedachten, vreemd is. Zou zij immers niet een onvergetelijke persoon moeten zijn? Het is van een andere orde dat een vergeten titel, melodie of naam.

En dat vreet aan hem. Want wat zijn de opties? Waanzin. Zijn leven is een illusie en zij breekt er als uit een alternatieve realiteit, een parallel leven, doorheen. Een fijn gegeven voor in zijn favoriete sciencefiction verhalen (zie Philip K. Dicks beruchte visioenen voorafgaand aan Valis die veroorzaakt worden door het bezoek van een onbekend zwartharig meisje) maar hij weet dat zijn gedachten ordelijk en overzichtelijk zijn, ten minste tot een bepaalde horizon…en als het daarachter niet klopt dan maakt het toch allemaal niet uit.

Ouderdom. Zijn geheugen, voorheen betrouwbaar, begint hem in de steek te laten. Als laatste: verdringing. Dan nog blijft de vraag over: waarom verdringing? Het lijkt de sleutelvraag die hem in ieder geval een zekere plaatsing schenkt. Hij moet haar kortstondig hebben gekend in een hectische periode waar hij in zijn algemeenheid niet graag meer aan terugdenkt. En toch blijft het een hypothese, brengt het haar niet scherper in beeld. De alternatieve hypothese plaatst haar veel verder terug in de tijd, maar dat is pure speculatie. Hoogste tijd om het droomwerk in te zetten, want een even vreemde gewaarwording is dat hij al peinzende duidelijk de behoefte voelt om dit probleem, haar gezicht (dat nu alweer vervaagt), zijn geschiedenis: te googlen.

martes, marzo 06, 2007

47. Amsterdam





Middagje Stedelijk. Interessante tentoonstelling Mapping The City met veel mooie filmbeelden (de jonge Willem de Ridder en Wim T. Schippers op een charmante dérive toer) en foto’s. De meest indrukwekkende, onvermijdelijk haast, de kleurenfoto’s van Ed van der Elsken van een zomer in Amsterdam ergens begin jaren zeventig. Zijn ‘Een liefdesgeschiedenis in Saint Germain des Prés’ die permanent in het Stedelijk hangt heeft hem nooit veel gedaan (al was het omdat de romantische mythe/”het echte leven” van Parijs hem koud laat.) Maar deze foto’s…fascineren. Omdat ze echt zijn, in de zin dat hij die kleuren herkent, de kleuren van een verdwenen realiteit. En omdat het een vrolijke chaos vormt van normale mensen in de stad die echter stuk voor stuk iets excentrieks bezitten, geen groot gebaren maar kleine dingen…een fietsconstructie, het natuurlijk gespierde lichaam van een shirtloze baardmans, de zorgloze afwezigheid van de bh, kortom de hele mythe van de jaren zeventig mythe ontmaskert als waarheid, compleet door het alledaagse doorvlochten. Wat hem doet afvragen: waar zijn al die mensen nu? Waar is die energie? Het optimisme? Hoe kijken ze terug op die tijd? En wat is er eigenlijk veranderd? Technologie in al zijn facetten, zeker. Maar de foto’s vangen ook een laatste moment, voor de eerste heroïne golf, het onbegrip van de Bijlmer, de Nieuwmarkt rellen, de haast systematisch verpaupering en daaropvolgende tegenaanval die onvermijdelijk leiden tot “1980”. Vreemd hoe in zijn herinneringen het Amsterdam van de begin jaren zeventig altijd zonnig is, dat van de periode 1976-1980 doorlopend grijs en regenachtig.

domingo, enero 07, 2007

42. Super 8 Herinneringen

Het is natuurlijk dynamiet in de handen van een melancholicus. Twee DVDs met gedigitaliseerde Super 8 filmpjes uit zijn jeugd. Maar het valt mee, wordt hij meer geraakt door beelden van andere mensen uit dezelfde tijd (misschien gaat het pas echt er in hakken als meer gefilmden sterven?) Het was wat het was, een redelijk perfecte jeugd, netjes afgebakend, onherhaalbaar. De melancholie voelde hij op dertienjarig leeftijd toen hij voor het eerst besefte dat het over was. Het is ook ergens een demystificatie, de zichtbaarheid van herinneringen. Momenten worden zichtbaar waarvan hij nooit zeker was of ze echt hadden bestaan (of toen een hele andere lading hadden, zijn verwondering over de mysterieuze architectonische grootsheid van de Twin Towers in vergelijking met het kruis wat we inmiddels allemaal dragen.)

Zo heeft hij lang getwijfeld of het tafereel in het klaprozenveld echt had plaatsgevonden en, zo ja (want waarom had hij anders ooit zo'n sterke associatieve reactie bij de binnenhoes van K&D Sessions?), was hij er van overtuigd dat de scène was vastgelegd op foto in plaats van film. Maar was het een ware herinnering of een herinnering aan het zien van de filmbeelden?



En toch zijn er kleine, onverwachte fascinaties. De eerste natuurlijk dat vreemde spiegeleffect: iemand die niet weet dat hij zelf uit de toekomst naar zichzelf kijkt. Tweede is de flits na afloop van zijn eerste Ajax wedstrijd (waarvan hij ook was vergeten dat deze was vastgelegd.) Best wel een cool jongetje met een serieuze blik…daarna is het helaas afgelopen, beginnen de jaren 80/het nerdschap/puberteit.

Wat hem het meest verbaasd is de jeugdigheid van zijn ouders. Vreemd hoe je dat vooral vergeet.

sábado, noviembre 11, 2006

37. Roma (1972)

Zo worden ze echt niet meer gemaakt. Compleet compromisloze wervelstormen van films, geen plot, de stad als autobiografie, alleen maar intensiteiten, herinneringen, dromen, lichamen, film die zichzelf expliciet onttovert (Fellini en crew pontificaal in beeld tijdens de sensationele rit over de ringweg, “als een ring van Saturnus”) en hertovert (de magische nachtrit van een motorcollectief langs de verlichte monumenten...de Italianen van die generatie wisten allemaal hun films groots af te sluiten.)



Zoals altijd met Fellini, ondanks zijn grappen en grollen, een melancholische aangelegenheid: het Rome van zijn aankomst als jonge man is net zo goed verdwenen als het Rome van 1972. Dat wist hij dan ook prachtig te vangen in de redelijk beroemd geworden scène waar bij de aanleg van de metro een perfect geconserveerd Romeins huis wordt ontdekt. Al snel begint de toegestroomde lucht van de 20ste eeuw de felle kleuren van de fresco’s te vernietigen. Of is dat oppervlakte en is Rome uiteindelijk eeuwig? Een voortdurende organisatie van herrie, blikken, lust, vernieuwing, verlies, conservatie.

Fellini is ook een van de weinige filmers die een even flauwe als slimme grap van een modeshow voor priester- en monnikgewaden (de katholieke perversiteit van uiterlijk vertoon die je in Rome pas echt in zijn complete hoogmoed en mengsel van schoonheid/lelijkheid kan ondergaan) een sinistere ondertoon weet te geven die je daarna eigenlijk alleen nog in Lynch of Cronenberg tegenkomt.

(Wat hij zich na afloop afvraagt: is er een andere stad waar een zelfde film over gemaakt kan worden? Amsterdam: te klein en jong. Londen: zijn voorgeschiedenis weggebrand. Parijs: heel misschien. Of moet je oostwaarts gaan om een soortgelijke, eeuwige chaos te vinden: Istanbul, Caïro, Bombay?)

lunes, octubre 02, 2006

33. Ik Lego.

Er ging een lichtje bij hem branden toen hij wat halfvergane instructies tussen de chaos van blokjes vond. “Er moet vast een nerd zijn die al die dingen verzamelt, scant en op het Internet zet." Alles wat je bedenkt, wordt realiteit. En zo vindt hij de bouwtekening van zijn allereerste Legodoos, de windmolen die hij kreeg nadat zijn amandelen er uit waren geknipt, onderdeel van een aangename cocktail die waarschijnlijk zijn eerste herinneringen vormen: een hele zaal kinderen die voor het slapen gaan hun bedden verlaten en samen naar de volle maan kijken, veel ijs en dus de windmolen van Lego.



Prachtige dozen ook, dat typische licht van foto’s uit die tijd, het lettertype, de symbolen, de onschuldige industriële romantiek. Nu hij zijn dochter probeert te infecteren oefent hij niet alleen zijn herinnering (het hervinden van zijn lang vergeten collectie) maar begrijpt hij de haast zenachtige kalmte van Lego (zou Lego therapie bestaan?), de vreemde afwezige concentratie van het bouwen, het geduld dat nodig is om de juiste stenen te vinden, het binnentreden van tijdloosheid. Het geluid dat van zacht klikken kan omslaan tot oorverdovende stormen als een volle bak schudt.

Lego is eeuwig, volmaakt, kent geen slijtage, alleen een muffe geur van vochtige zolders die hun vingers er binnen de kortste keren af hebben gewreven op zoek naar de juiste klik.

miércoles, junio 28, 2006

23. L’Année du Football 1980


Een wonderbaarlijke schatkist. Eerder had hij het voetbaljaarboek 1981 Une Saison de Football van Eugene Saccomano 2e hands aangeschaft als studiemateriaal in de shirtqueeste maar het is duidelijk dat de L’Année du Football reeks beter is: veel meer foto’s, meer aandacht voor het internationale voetbal en met essayachtige stukken waar Saccomano meer van de Voetbal International “interviews met bobo’s zijn interessant” school is. Eigenlijk had hij 1980 gekozen om meer van het seizoen 1979-1980 van Saint-Etienne te leren maar wat hij zich al lezende realiseert is dat dit het seizoen van zijn bewustwording van voetbal was, zijn eerste echte wedstrijd in De Meer en naar alle waarschijnlijkheid de eerste Europa Cup finale die hij mocht zien (heel mistig ziet hij doelpunt van Nottingham Forrest tegen HSV in zwart-wit voor zich.)

Het boek begint misschien verrassend met een aantal stukken over de opkomst van Diego Maradona en het doet hem denken aan hoe in die tijd, de komst werd verhaald, hoe lang het duurde (het WK van 1982) voordat we de vooruitgesnelde legende werkelijk konden zien. Iedereen wist dat er genie was geboren in Zuid-Amerika en die informatie kwam lezend tot je. Daarom was de vriendschappelijke wedstrijd (of zelfs de tournee) zo belangrijk, dat waren openbaringen, waar een mysterieuze speler als Zico opeens heel dichtbij kwam. Een tijd waar alles nog niet zichtbaar was, een tijd van magie en helden.



De eerder gestelde vraag waarom Saint-Etienne in dat seizoen geen kampioen wordt met een aanval Zimako – Rep – Rocheteau en nieuwe ster Platini wordt op twee manieren beantwoord: Nantes is een beter collectief en zoals hij eerder had vermoed: Piazza keert terug naar Argentinië en daarmee valt de organisatie van de verdediging weg. Vreemd gevoel: voetbalvragen uit het verleden als logisch vraagstuk.



Wat is nu het magnetisme van het Franse voetbal uit die tijd, behalve de wetenschap dat een aantal van de belangrijkste actoren aanwezig zullen zijn in Sevilla 1982? Het is een bepaalde melancholie, een tristesse, die de voetballer uitstraalt. Op een collectief niveau: het Frans nationale elftal speelt fabuleuze wedstrijden en kwalificeert zich toch niet voor het EK, Saint-Etienne swingt in de UEFA-cup maar laat het weer op een cruciaal moment afweten, zoals Nantes weer dom strandt in de halve finale van Europacup II. En het is geen subjectieve melancholie over een bepaald tijdperk, want spelers van de zo succesvolle en efficiënte Duitse en Engelse ploegen bezitten die kwaliteit totaal niet. Terwijl iemand als João Alves direct lijkt te worden overmand door die melancholie (al helpt het verhaal niet dat net wanneer hij Paris St. Germain nieuw elan schenkt door, zeg dat het niet waar is, Genghini kapot wordt geschopt. Een jaar later keer hij terug naar Portugal.) Het is een stijl, een naïeve cool waarmee je zelden wint. Het is ook een melancholie die eigenlijk niet meer bestaat, die waarschijnlijk is op houden te bestaan met het afscheid van Platini (al zie je soms schaduwen in de bewegingen van Zidane.) In die zin is het Franse voetbal al jaren dood (Les Bleus van tegenwoordig hebben niets te maken met die van de periode 1978-1986. Frankrijk speelt niet meer met Franse voetballers.)