Mostrando entradas con la etiqueta obsessie. Mostrar todas las entradas
Mostrando entradas con la etiqueta obsessie. Mostrar todas las entradas
domingo, octubre 21, 2007
70. Poster
Terwijl hij The Movies zaal 1 in liep om Control te gaan zien (goede film) liep hij in een flits langs een van de mooiste filmposters ooit. Jules et Jim. Jeanne Moreau op haar best natuurlijk, met die briljante lach. Maar even belangrijk is de vormgeving, die jaren zestig/predigitale esthetiek, de kleuren, het denken in lagen, de moedwillige aanvaring met de realiteit. Obsessie dus.
martes, mayo 16, 2006
16. Hoe die kleur groen te omschrijven?

Je kan pas juichen wanneer de postbode daadwerkelijk langs is geweest. Bevrijding. Hij had eigenlijk niet verwacht dat het ooit zou lukken maar wanneer hij het eindelijk aantrekt voelt hij in een flits euforie (waar hij geen controle over heeft en wat helaas ook meteen is verdwenen...is dat de extase van narratief dat materialiseert en op het lichaam gedragen kan worden?): het mooiste voetbalshirt ooit. Saint-Etienne 1980-1981. Het laatste kampioenschap en ook het seizoen van de legendarische 0-5 overwinning tegen HSV in de UEFA cup (die ze natuurlijk niet wonnen, dit was immers ten tijde van de tirannie van het Engelse clubvoetbal, ze vlogen er de volgende ronde kansloos uit tegen de latere kampioen Ipswich Town.)
Er heeft serieus werk in gezeten. Bijna negen maanden studie naar tekens van authenticiteit, prijsbepaling, leren omgaan met de typische bewegingen op eBay, het frustrerende wachten totdat veilingen aflopen, idioten die prijzen al dagen van tevoren opdrijven en weer wachten tot een nieuw shirt verschijnt. Hij kent nu de eenzaamheid van de otaku, zo diep in tekens, in obsessies duiken, een kennis/verlangen die alleen met een handvol andere otaku kan worden gedeeld (en welke? Zeker niet de shirtjesfetisjisten...het moeten estheten zijn die voetbal als narratief zien.) Aan de vooravond van het dertigjarige jubileum van de finale van Glasgow ging het eindelijk goed. Wat overheerst is eigenlijk verwondering, niet zozeer over het behalen van het doel, als wel het tastbaar worden van een wens door manipulatie van (draadloze) bits. Nog een vreemde gewaardwording: wanneer hij de foto hierboven ziet denkt hij onwillekeurig nog steeds "mooi shirt, wat zou ik er graag een wil hebben."

Hij kan zich voorstellen dat onder de spelers ontevredenheid was ontstaan over het vorige shirt en dat via de club met Le Coq Sportif is gecommuniceerd over een vriendelijker shirt voor in het Franse klimaat. Het voetbalseizoen begint in Frankrijk ontzettend vroeg, in 1980 op 24 juli. Er zijn elftalfoto’s waarop het lijkt alsof ze zijn gefotografeerd na een wedstrijd, bezweten koppen, natte shirts. En dat in de warm weer variant van het shirt, dat korte mouwen heeft en een open kraag.
Vreemd trouwens dat Ajax nooit een variant als uitshirt heeft gedragen (Monaco speelde bijvoorbeeld in een rode versie en toevallig ontdekte hij op een foto van Van Bastens eerste wedstrijd dat NEC ook in een horizontaal gestreept Le Coq Sportif shirt speelde.) Misschien iets te avontuurlijk voor het enigszins conservatieve instituut Ajax?
edit: maar toch wel, al moet het heel kort zijn geweest. Hier Rijkaard in het begin van zijn carrière. Bijna hetzelfde soort shirt maar let wel op het verschil: de v-hals.

Mooie compilatie met Platini goals (ook bij Nancy) met o.a. zijn goals tegen HSV (7:00), de vrije trap tegen PSV (4:22) en de merkwaardige stift tegen Brest (zo rond 3:46, als een biljartbal rolt die bal over de lijn.)
Volgende en hopelijk laatste in de reeks: aan analyse van de return kwartfinale ECI 1976: Saint-Etienne – Dynamo Kiev
miércoles, abril 26, 2006
14. ”De genezing van een tumor”

Slang van jaren geleden dat hij binnen een zeer select gezelschap bezigde: tumor als term voor een obsessie. Een van de grootste is vandaag genezen: hij bezit eindelijk een authentiek Le Coq Sportif Saint-Etienne shirt (bijna alsof het vers uit de winkel komt.) Pure blijheid zonder de gebruikelijke teleurstelling. Ook al zal hij het shirt uiteindelijk weinig dragen. Hij houdt eigenlijk niet zo van het dragen van voetbalshirts of bandshirts, hij is wat dat betreft een Spanjaard, een polodrager.
Ze hebben waarschijnlijk een seizoen dit model gedragen, namelijk 1979-1980 (met aan het begin van het seizoen een variant met Super in het geel.) Een seizoen met voor Les Verts na 1977 de gebruikelijke ups en downs. Tegenvallende prestaties in de competitie, Platini gehaald van Nancy. Rep. Larios die toch voetballer van het jaar 1980 wordt. En natuurlijk de legendarische 6-0 tegen PSV in de UEFA cup.

Wat maakt dit nu een mooi shirt? Het is net niet zo mooi als wat er na zou komen, de gestreepte (semi-polo) variant maar heel veel maakt het niet uit (al was het door die briljante kleur groen.) Het gaat natuurlijk om eenvoud, in wat het niet zegt: geen anderskleurig streepje op nek of polsen, geen clubsymbool. Het lettertype en hoe die twee accenten zijn verwerkt. Qua model de voorloper van de Italiaanse Kappa stijl waarmee AS Roma een paar jaar geleden furore maakte (geen dracht voor chronische bierdrinkers dus.) En compleet kunststof, waarschijnlijk een ramp om bij mooi weer in te spelen maar wel lekker op een regenachtige herfstdag ergens uit bij Metz of Nantes.
En zoals bij al die Franse shirts mysterieuze reclame. Wat is Super Télé? Wat is Europe 1, KB Jardin, RMC, Malardeau? Opkomende media, lokale radiostations, televisiezenders?
Dat is een van redenen dat Franse voetbalshirts zo verleidelijk zijn. Ze zijn in de basis al mooi (Adidas maakte toen ook prachtige shirts) maar ze zijn ook het product van een overgangsfase. Al vroeg in de jaren zeventig was het franse voetbal bezig met commercie, vaak charmant lokale reclame op shirts (met bijvoorbeeld het vreemde gebruik dat teams in de Coupe de France verplicht in Adidas speelden en met de sponsor van het toernooi in plaats van de clubsponsor.) Vandaar dat je Franse shirts uit de jaren zeventig relatief makkelijk kan vinden in vergelijking met andere landen. In zijn jeugd kon hij bij De Meer alleen maar ansichtkaarten en een poster kopen. Iets later was er een sportwinkel in Amsterdam waar je een Ajax trainingspak kon aanschaffen maar een normaal Ajaxshirt werd pas midden jaren tachtig voorzichtig haalbaar.
Het etiket kraait Le Coq Sportif: 1ere marque europeene. En dat is natuurlijk instant nostalgie naar een tijdperk waarin het merk inderdaad het meest vooruitstrevende en mooiste voetbalmerk was. Voordat het werd weggevaagd in de Adidas – Nike strijd waardoor voetballers er tegenwoordig niet uit zien.
viernes, febrero 03, 2006
1. Saint-Etienne 1976

Hij heeft langlopende obsessies. De meest intense zijn degenen waar hij steeds kleine beetjes informatie voor moet verzamelen om zo langzaam, jaar in jaar uit, een beeld te kunnen vormen. Bij voorkeur ligt het in het verleden (de jaren zeventig) en is het in het bezit van een tragisch element, iets waar hij zijn hoofd over kan breken. Daarom altijd Saint-Etienne. De eerste keer dat hij over Saint-Etienne las was als kind in een of ander boek van voetballegendes. Het lugubere verhaal van een fan van de club die zichzelf uit teleurstelling na de verloren finale van Glasgow met behulp van een vliegtuigmotor onthoofd. Een verhaal dat hij nog wel eens heeft getracht terug te vinden zonder er ook maar een spoor van te vinden (zijn herinnering die niet klopt? Hij heeft altijd een feilloos geheugen gehad voor macabere verhalen.)
Door de jaren heen vormt iets als liefde voor een club die hij nooit had zien spelen voorbij een enkele flits. Waar door de jaren heen sommige van zijn favoriete voetballers hebben gespeeld (Platini, Rep, Battiston, Genghini, Rocheteau) maar dat hij alleen verhaald kent. Bij foto’s fantaseert hij wedstrijden, een perfect voetbal. Het kan niet meer kapot gemaakt worden, het is mythologie. Wanneer zich dan eindelijk de mogelijkheid voordoet om de Europacup I finale van 12 mei 1976 te aanschouwen twijfelt hij even. Zal hij niet alles, zijn voorzichtig geweven web van woorden, beelden en fantasie kapot maken door de wedstrijd te zien? Zal Bayern München (waarom precies zij?) niet gewoon opeens terecht winnen? En moet je wel kijken als je weet wat er gaan gebeuren? Natuurlijk. Je weet immers ook dat Achilles zal sterven, je weet dat de Godenschemering gaat plaatsvinden.
De kleur van het beeld, het licht van een lenteavond in de jaren zeventig en dan ziet hij het groen van de shirts. Knallend. Le Coq Sportif (zie het contrast met die oerdegelijke Adidas shirts, zo saai als het voetbal van Bayern.) Het is lange tijd aftasten, Beckenbauer (alweer verwondert hij zich over zijn meesterlijke techniek en overzicht) heeft alles onder controle, maar Bayern is eigenlijk niet veel meer dan Der Kaiser en zijn negen dravende onderknuppels. Bij Saint-Etienne valt Oswaldo Piazza hem op, een boomlange Argentijn die steeds vanuit de verdediging mee komt aanvallen. Dan komen de kansen, eerst een paar kopballen die in het niet vallen bij de 34ste minuut.
Bathenay krijgt de bal op zo’n 25 meter afstand van het doel en zijn schot heeft een wonderbaarlijke curve die zowel de kijker als Sepp Maier compleet verrast. Maier staat, zoals dat heet, aan de grond genageld en kijkt hoe de bal buiten zijn bereik de onderkant lat raakt…en terug het veld in stuitert waar Revelli zo schrikt van de open kans dat hij slap in de handen van Maier kopt. De afstand van dertig jaar is plotseling verdwenen (hij heeft door de verrassing zichzelf in het haar gegrepen alsof hij naar een livewedstrijd kijkt.) Er volgen nog meer kansen, Santini kopt tegen de lat en dat is vragen om problemen. Wanneer de spelers met de rust het veld aflopen ziet hij een speler van Saint-Etienne een teleurgesteld gebaar maken. We hadden voor moeten staan.
Saint-Etienne maakt precies één fout. Piazza pakt de bal af van (de verder compleet onzichtbare) Müller die maar van ellende een schwalbe doet. Scheidsrechter fluit. Terwijl Saint-Etienne niet oplet met het muurtje opstellen legt Beckenbauer snel de bal neer en Roth schiet de bal loepzuiver langs Curkovic. Piazza blijft naar voren stormen maar Bayern is op een aspect superieur: het fysieke uithoudingsvermogen. De geblesseerde Rocheteau komt nog 8 minuten voor het einde in het veld en laat nog wat onnavolgbare dribbels zien. In de allerlaatste minuut krijgt Revelli nog een open schotkans maar hij schiet van vermoeidheid? paniek? recht op Maier af. En dan is het afgelopen. "Jammer, het is ook maar een voetbalwedstrijd", denkt hij, totdat hij tussen de feestende Bayern spelers, Christian Lopez het beeld uit ziet lopen, die zijn handen bij de mond houdt en zich realiseert wat ze uit handen hebben gegeven. Nog iets wat hij nooit heeft meegemaakt: wanneer Beckenbauer de beker in ontvangst neemt klinkt een massaal fluitconcert.
Het seizoen daarop laat Saint-Etienne op Anfield in de laatste vijf minuten een zekere kwalificatie voor de halve finale uit handen glippen waardoor hun tweede poging nooit zal plaatsvinden. Het latere elftal rond Platini is (ondanks een paar legendarische monsteroverwinningen, waaronder die 6-0 tegen PSV) te wispelturig om het in Europa ver te schoppen. Dan raakt ook de stad zelf in problemen. Manu France, voorheen shirtsponsor en als mijnbedrijf essentieel voor de werkgelegenheid in de regio, gaat failliet. Vrijwel direct na het vertrek van Platini naar Juventus raakt de club in een financieel schandaal betrokken waardoor alle goede spelers verkocht moeten worden. Saint-Etienne is sinds 1981 nooit meer kampioen geweest. In zekere zin bestaat de club niet meer.
Nu is alles zichtbaar en weet hij dat het onmogelijk is om nog zo’n mythologisch intensiteit te creëren rond voetbal. Er is geen afwezigheid meer om de fantasie, het verlangen, op te projecten. Bovendien zagen de shirts er toen mooier uit, waren voetballers cooler en was het spel zelf leuker, technischer zonder dat domme gedraaf wat tegenwoordig de norm is.
Als laatste altijd de vragen: hoe zag zijn 12e mei 1976 eruit? Een dag waar hij geen enkele bewuste herinnering aan bezit (heeft zijn vader die avond de wedstrijd gekeken? Heeft hij hem na het voorlezen gezegd: “ik ga straks een voetbalwedstrijd kijken?”) En altijd, altijd: hoe zou, niet alleen het voetbal, maar de wereld eruit zien als Saint-Etienne had gewonnen?
Suscribirse a:
Entradas (Atom)







